woensdag 28 januari 2026

Lees de Bijbel met mij...28 Profetie

Lees Genesis 40, 41 en 42

De schenker en de bakker. Allebei gevangen krijgen een droom. Voor het eerst horen we iets over het geloof van Jozef. Hij vertelt namelijk in God te geloven, want alleen God kan hun dromen uitleggen. 

De schenker ziet drie ranken aan een wijnstok en hij mag de druiven uitpersen in de beker van de Farao. De bakker ziet drie broodmanden op z'n hoofd waarvan de vogels pikken. Jozef legt uit dat ze allebei verhoogd zullen worden. De één letterlijk en de ander figuurlijk De schenker een hoge plaats aan het hof en de bakker wordt verhoogd aan een paal. 

De schenker en de bakker. Brood en wijn. De wijn wordt opnieuw gedronken in het koninkrijk en het brood dat wordt gebroken... aan een paal gehangen...op de derde dag. Het lijkt wel een verborgen profetie die naar Jezus wijst. 

"En nadat Hij een drinkbeker genomen had en gedankt had, zei Hij: Neem deze en deel hem onder elkaar. Want Ik zeg u dat Ik niet drinken zal van de vrucht van de wijnstok, totdat het Koninkrijk van God gekomen is. En Hij nam brood en nadat Hij gedankt had, brak Hij het en gaf het aan hen met de woorden: Dit is Mijn lichaam, dat voor u gegeven wordt. Doe dat tot Mijn gedachtenis." (Lukas 22:17-19, HSV)

Jozef vraagt de schenker een goed woordje voor hem te doen maar de schenker vergeet hem. Twee jaar later krijgt de Farao een droom die niemand uit kan leggen. Eindelijk herinnert de schenker de Hebreeër Jozef. Hij mag de dromen van de koeien en aren uitleggen. Er komt na een periode van overvloed een periode van hongersnood

"Nu dan, laat de farao naar een verstandige en wijze man uitzien en die over het land Egypte aanstellen. Laat de farao het volgende doen: Laat hij opzichters over het land aanstellen en tijdens de zeven jaren van overvloed het vijfde deel van de opbrengst van het land Egypte opeisen. Laten zij alle voedsel van deze komende goede jaren bijeenbrengen en op last van de farao het koren opslaan, als voedsel in de steden, en dat bewaren." (Gen.41.33-35, HSV)"

Daarom zei de farao tegen zijn dienaren: Zouden wij ooit iemand kunnen vinden als deze man, in wie de Geest van God is?" (Gen.41.38, HSV)

Jozef wordt de op zijn 30ste de op één na machtigste man van Egypte. Heerser van het 'Broodhuis' mag hij de volken voeden. Ook zijn broers komen langs. Hij herkent zijn broers maar zijn broers herkennen hem niet. Jozef houdt zijn identiteit verborgen. Zijn broers zijn bang voor hem en toch ontvangen ze in overvloed. Jozef wil zijn broers terugzien en neemt Simeon gevangen met de opdracht de jongste broer de volgende keer mee te nemen om te bewijzen dat ze geen spionnen zijn.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten