Posts tonen met het label de Bijbel lezen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label de Bijbel lezen. Alle posts tonen

maandag 2 februari 2026

De Bijbel doorgaan

Eén maand lang ben ik de Bijbel doorgegaan en heb de Bijbelboeken Genesis en Job doorgenomen. Mijn gedachten over deze hoofdstukken heb ik op deze blog gedeeld. Om de blog toch een beetje overzichtelijk en leesbaar te houden heb ik de blogs geplaatst onder het kopje 'de Bijbel lezen' bovenaan de pagina van de desktopversie. Daarnaast zijn ze ook terug te vinden op https://stiltetijd.blogspot.com/ Een nieuwe blog speciaal over de Bijbel en daar zal ik ook verder gaan met het plaatsen van mijn stille tijd schrijfsels. Als je op de Bijbel klikt kom je op mijn blog stiltetijd.




Daarnaast wil ik ook weer actiever bezig zijn met de blog waardevol menszijn. Om te blijven delen van bijzondere momenten en waardevolle gebeurtenissen. Hoe Gods Leven en Licht schijnt in ons hart en ons leven. Om deze schat met elkaar te blijven delen.

"Want God, die gezegd heeft: ‘Laat er licht in de duisternis zijn,’
 heeft in de duisternis van onze harten geschenen
en ons doen inzien dat zijn heerlijke glans van Jezus Christus afstraalt.
Maar deze kostbare schat hebben wij in kwetsbaar aardewerk, ons lichaam.
Iedereen kan zien dat de buitengewone kracht in ons niet van onszelf is, maar van God. 
.
Wij worden in alles verdrukt, maar niet in het nauw gebracht;
wij zijn in twijfel, maar niet vertwijfeld;
wij worden vervolgd, maar niet verlaten;
neergeworpen, maar niet te gronde gericht.
Wij dragen altijd het sterven van de Heere Jezus in het lichaam mee,
opdat ook het leven van Jezus in ons lichaam openbaar wordt. "

zaterdag 8 februari 2025

Lees de Bijbel met mij...39 Heer waar bent U?

De zondag is een goed moment om na te denken over de teksten die je gelezen hebt. Welk teksten hebben je aangesproken. 

Heb je:

een belofte om op te vertrouwen,

en waarschuwing om in acht te nemen,

een waarheid aan te nemen

een opdracht om mee aan de slag te gaan

een bemoediging om in te rusten.

(vragen overgenomen van Life.Church)

Het volk is bevrijd uit Egypte maar is Egypte ook uit het volk? Nog steeds verlangen de Israëlieten terug naar 'de goede oude tijd' in Egypte en zijn even het zware leven vergeten. Ondanks alle wonderen die Gods heerlijkheid zichtbaar maken kunnen ze niet vertrouwen dat God dichtbij hen is en hen wil leiden. De woestijn. Waar gaan we heen? Liever slaaf dan deze onzekerheid. Heer waar bent U. Ik merk het niet meer. 

Did you see me today
I just wanted to play
You had to go but did you want to stay
With another day done
I don’t feel like I’ve won
Your attention or affection that I crave

Will you hold me
Will you tell me
That I’m yours, I’m yours
Won’t you hold me
Won’t you tell me
That I’m yours, yours, yours

I did all that I could
And I did what I should
But still it’s not enough to catch your gaze
Tell me what I can do
To get closer to you
Cause I got nothing more to prove or left to say

Will you hold me
Will you tell me
That I’m yours, I’m yours
Won’t you hold me
Won’t you tell me
That I’m yours, yours, yours

Come with me and walk among the memories
Help me carry the weight of them all
In the bleakness of the silence
I know your love
Where it was hidden all along

Can I hold you
Can I tell you
That I’m yours, I’m yours
Couldn’t see it
Couldn’t feel it
Guess it was hidden all along

Guess it was hidden all along


vrijdag 7 februari 2025

Lees de Bijbel met mij 38...Bidders en strijders

  Lees Exodus 16, 17 en 18

Anderhalve maand de leven de Israëlieten in de woestijn en beginnen weer te morren. Het meegebrachte voedsel raakt op. In plaats te vertrouwen en te bidden wordt het gemopper steeds sterker.

"Och, waren wij maar door de hand van de HEERE gestorven in het land Egypte, toen wij bij de vleespotten zaten en brood aten tot verzadiging toe! Want u hebt ons uitgeleid naar deze woestijn om heel deze gemeente van honger te laten sterven."

God geeft Manna. Brood voor elke dag genoeg. Niet meer en niet minder. Voedsel dat je niet kan oppotten en bewaren. Leven uit vertrouwen. Maar er zijn toch altijd weer mensen die denken dat ze het voedsel kunnen bewaren en ontdekken het verderf.

"Verzamel geen schatten voor u op de aarde, waar mot en roest ze verderven, en waar dieven inbreken en stelen; maar verzamel schatten voor u in de hemel, waar geen mot of roest ze verderft, en waar dieven niet inbreken of stelen; want waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn." (Mat. 6: 19-21, HSV)

Hier wordt ook de Sabbat ingevoerd. De Heilige zevende dag waarop God rustte wordt nu ook voor de Israëlieten een verplichting. Zes dagen was er Manna maar op de zevende dag kon het volk rusten en hoefde niet op zoek naar het dagelijks brood.

Toch blijft het volk wantrouwen. Telkens wanneer er tekorten zijn vragen ze zich weer af of God nog wel in hun midden is Toch voorziet God telkens weer geeft water uit de Rots.

Er komt strijd. De Amelekieten (nageslacht van Esau) vallen aan. Jozua! bindt de strijd aan en Mozes gaat met Aäron en Hur de berg op om te bidden. Zij houden de handen van Mozes omhoog waardoor de strijd gewonnen wordt. De overwinning is door het gebed. En je kan het niet alleen. Je hebt elkaar nodig. Bidders en strijders. Samen gemeente zijn.

De HEERE is mijn Banier!

Is gebed jouw eerste wapen?

יְהוָה נִסִּי


donderdag 6 februari 2025

Lees de Bijbel met mij...37 God is bij je

  Lees Exodus 13, 14 en 15


Het volk gaat op pad maar ze nemen niet de kortste route. Door de strijd tegen de Filistijnen zouden ze ontmoedigd kunnen raken. Ze nemen de woestijnweg en gaan richting de Rietzee. God leidt de weg door een wolk en een vuurzuil. God zelf leidt de weg...wat kan er dan nog verkeerd gaan?

De farao voelt zich bedonderd. Zie je wel, ze komen niet terug! De farao zet samen met heel zijn leger en met 600 wagens en de volledige cavalerie de achtervolging in. Het volk wordt doodsbang. De Israëlieten moeten terugkeren naar stukje land tussen de woestijn en de zee. Ze zitten menselijk gezien in de val en kunnen geen kant meer op. Waarom laat God dit gebeuren. Soms snap je er niks meer van waarom sommige dingen in je leven zo verkeerd lijken te gaan. En nu dan?

"Maar Mozes zei tegen het volk: Wees niet bevreesd, houd stand, zie het heil van de HEERE dat Hij vandaag nog voor u zal bewerken! Want de Egyptenaren die u vandaag ziet, zult u tot in eeuwigheid niet meer terugzien. De HEERE zal voor u strijden, en ú moet stil zijn" (Exo. 14:13-14, HTB)

God gaat met een wolk tussen de Egyptenaren en het volk staan. "De wolk was duisternis en tegelijk verlichtte hij de nacht. De een kon niet in de nabijheid van de ander komen, heel de nacht." (14:20, HSV)

Mozes leidt het volk 's nachts door zee. God heeft de zee doormidden gespleten waardoor ze over de bodem van de zee naar de overkant kunnen lopen. De Egyptenaren volgen maar als de ochtend aanbreekt en de Israëlieten aan de overkant zijn, vloeit het water terug en het hele leger komt om. Egypte is totaal ontwapend.

"U bent immers met Hem begraven in de doop, waarin u ook met Hem bent opgewekt, door het geloof van de werking van God, Die Hem uit de doden heeft opgewekt. En Hij heeft u, toen u dood was in de overtredingen en het onbesneden zijn van uw vlees, samen met Hem levend gemaakt door u al uw overtredingen te vergeven, en het handschrift dat tegen ons getuigde, uit te wissen. Dit handschrift was met zijn bepalingen tegen ons gericht, en Hij heeft dat uit het midden weggenomen door het aan het kruis te nagelen. Hij heeft de overheden en de machten ontwapend, die openlijk te schande gemaakt en daardoor over hen getriomfeerd." (Kol. 2:12-15, HSV)

God leidt ons uit de slavernij van de angst en wil ons de diepe vrede van Zijn nabijheid geven. Hij is met ons alle dagen...De zonde is verdronken in God genade aan het kruis. We zijn niet langer slaven maar kinderen van een Hemelse Vader. Wees niet bevreesd...Je hoeft niet beter je best te doen...stil zijn...Je hoeft het niet alleen te dragen.

Tussen Mara en Elim. Het volk dat overgetrokken is wordt op de proef gesteld. Er is alleen maar bitter water. Het volk begint te morren in plaats van te bidden en te vertrouwen. Door het hout wordt het water zoet. God maakt zichzelf bekend als de Heere Uw Heelmeester...

 "...כִּי אֲנִי ה' רֹפְאֶךָ" 

Hoe reageren wij op tegenslag?



woensdag 5 februari 2025

Lees de Bijbel met mij...36 Verlost uit de slavernij

  Lees Exodus 10, 11 en 12

 "Dan moet u tegen de farao zeggen: Zo zegt de HEERE: Mijn zoon, Mijn eerstgeborene, is Israël. Daarom zeg Ik tegen u: Laat Mijn zoon gaan, zodat hij Mij kan dienen. Maar u hebt geweigerd hem te laten gaan, zie, Ik zal uw zoon, uw eerstgeborene, doden." (Exo. 4:22-23, HSV)

Voor Mozes naar Egypte kwam heeft God deze waarschuwing al gegeven. Deze straf was al besloten.

Mozes heeft verteld dat er sprinkhanen zullen komen, die alles wat groen gebleven is kaal zullen vreten.

De raadgevers van de farao smeken om het volk toch te laten gaan. Ziet de farao dan niet dat ze niet kunnen winnen van God.

Alleen de mannen mogen weggaan. Hun kinderen moeten blijven. De farao weet dat hij anders zijn goedkope arbeidskrachten zal verliezen. Maar dat is niet de afspraak en de sprinkhanen bedekken het land.

Snel belijdt de farao zijn zonde. Maar er is geen berouw. Zodra de sprinkhanen weg zijn laat hij het volk weer niet gaan.

Egypte wordt drie dagen in duisternis gehuld. Niemand ziet een hand voor ogen. Behalve bij de Israëlieten. Daar is het licht.

Nu staat de farao toe dat de mannen en kinderen mogen gaan maar nu moet al het vee blijven. Mozes zegt dat alles moet worden meegenomen, zelfs het vee van de farao. De Israëlieten moeten kleding en zilveren en gouden voorwerpen vragen van het volk van Egypte.

De laatste plaag wordt aangrkondigd: de dood van de eerstgeborenen.

Het Pascha wordt ingesteld. Het bloed van het Lam wordt aan de deurposten aangebracht zodat de engel van het verderf voorbij zal trekken en het huis niet zal treffen. 

Paasfeest. Het feest dat Jezus duizenden jaren later vierde en waarop Hij voor ons Zijn leven gaf in de dood en de dood overwon. Hij heeft als het ware Zijn bloed aan de deurposten van ons hart aangebracht. De dood heeft geen macht meer over ons en we zijn verlost uit het slavenhuis van de zonde.

Alle  Egyptische eerstgeborenen van mens en vee sterven en midden in de nacht worden de Israëlieten gedwongen te vertrekken. 600.000 Israëlieten hun vee. Vrouwen en kinderen niet meegerekend. Ook een groep mensen van allerlei herkomst trok met hen mee. Een zeer grote uittocht. Verlost uit de slavernij...


dinsdag 4 februari 2025

Lees de Bijbel met mij...35 Verhard hart

 Lees Exodus 7, 8 en 9

God heeft besloten om Egypte en de farao te straffen voor de onderdrukking van Zijn volk. Farao's hart zal zich verharden. Zijn hart van steen zal niet zacht worden. Net zoals klei hard wodt in de zon en de zon was doet smelten. Zo is het effect van Gods kracht op de farao. De hartsgesteldheid van de farao als klei. Zo zal het koude hart dat Hem niet wil kennen alleen maar harder worden en het zachte hart zachter.

Mozes gaan naar de farao en de farao wil inderdaad een wonder zien. Bewijs maar dat het Gods opdracht is om de Israëlieten te laten gaan. De staf van Aäron verandert in een slang maar dat kunnen de magiërs ook. Hun staven worden ook slangen alhoewel...de staf van Aäron verslindt hun staven. De farao luistert niet. 

Een wonder overtuigt hem niet en dan beginnen de plagen. Al het water verandert in bloed maar de magiërs laten hetzelfde zien en zo zitten ze een week lang in de stank van het stinkende bloedwater en moeten ze graven om helder water te vinden. 

Dan komen er kikkers maar de magiërs kunnen dat ook. Wat ze niet kunnen is de kikkers weer 'wegtoveren'. Mozes bidt en de kikkers verdwijnen. Maar dit is nog steeds geen bewijs voor de farao.

Dan komen er muggen en eindelijk zien de magiërs in dat dit alles inderdaad Gods werk moet zijn. Deze macht hebben zij niet. Ze waarschuwen de farao maar hij luistert niet.

Dan komen er steekvliegen, maar alleen bij de Egyptenaren.

De plagen zullen vanaf nu de Israëlieten niet meer treffen. Mozes wordt weer geroepen om hen te bevrijden en de dag daarop zijn alle steekvliegen weer weg. Maar ondanks de toezegging laat de farao het volk niet gaan.

Dan veepest. Al het vee van de Egyptenaren sterft. De farao stuurt nog een delegatie naar de Israëlieten maar daar is inderdaad geen dier gestorven.

Dan komen er zweren. Ook de magiërs moeten er aan geloven. Ze sterven niet aan de pest maar mogen getuige worden van Gods kracht.

Er komt een allesvernietigende hagel. Alles wat buiten is en leeft zal sterven. Het volk wordt gewaarschuwd om dekking te zoeken maar niet iedereen geloofd in de woorden van God. 

Nu erkent farao dat God het is die deze werken doet. "De HEERE is de Rechtvaardige." Alleen uit angst is hij tot deze conclusie gekomen. Als de angst geweken is blijkt hij toch niet werkelijk tot bekering te zijn gekomen.

Mozes wordt geroepen.Hij komt en gaat de ongedeerd door de hagel en als hij weer de stad uit is stopt de hagel. Precies zoals hij had voorspeld. Maar weer komt de farao op zijn besluit terug. Ondanks alle wonderen en tekenen wil hij niet geloven.




maandag 3 februari 2025

Lees de Bijbel met mij...34 wie ben ik

  Lees Exodus 4, 5 en 6

Mozes zei: "Wie ben ik..."

"Wie zal mij geloven en wie wil naar mij luisteren...?"

God geeft Mozes drie wonderen die hij kan laten zien aan de Israëlieten wanneer ze hem niet willen geloven dat God hem heeft gezonden. Een staf die in een slang kan veranderen. Zijn hand die melaats wordt als hij hem in eigen boezem steekt en het uitgegoten water uit de Nijl dat op het droge in in bloed zal veranderen.  "opdat zij geloven dat de HEERE aan u verschenen is, de God van hun vaderen, de God van Abraham, de God van Izak en de God van Jakob."

Nog steeds ziet Mozes het niet zitten. Hij is geen spreker. "Toen zei Mozes tegen de HEERE: Och Heere, ik ben geen man van veel woorden. Dat ben ik sinds jaar en dag al niet, zelfs niet vanaf het ogenblik dat U tot Uw dienaar gesproken hebt, want ik spreek onduidelijk en moeizaam. Maar de HEERE zei tegen hem: Wie heeft de mens een mond gegeven? Of wie maakt iemand stom, doof, ziende of blind? Ben Ik het niet, de HEERE?"

Mozes wil gewoon niet. Hij ziet het niet zitten Stuur maar iemand anders. Nu wordt God boos. En toch heeft God hier op gerekend want Aaron de broer van Mozes is al onderweg en die zal de woorden spreken die Mozes via God aan hem door zal geven.

Mozes vertrekt met frisse tegenzin met zijn vrouw en twee zoons naar Egypte. Hij heeft zijn zoons niet besneden. Hij heeft het verbond met God niet gehouden. God probeert Mozes te doden en Zippora weet de oorzaak en besnijdt haar zoons. Door deze strijd met God heeft Mozes misschien ook begrepen dat het gevaarlijker is om God ongehoorzaam te zijn dan angst te hebben voor mensen.

Dit is de boodschap voor de farao:
"Zo zegt de HEERE: Mijn zoon, Mijn eerstgeborene, is Israël. Daarom zeg Ik tegen u: Laat Mijn zoon gaan, zodat hij Mij kan dienen. Maar u hebt geweigerd hem te laten gaan, zie, Ik zal uw zoon, uw eerstgeborene, doden."

De Israëlieten geloven de woorden van Mozes en Aaron maar de farao wil niks van God weten. Hij kent deze God niet. De Israëlieten hebben alleen een smoes omdat ze lui zijn. De farao verzwaard hun werk en de Israëlieten beklagen zich bij Mozes. En Mozes beklaagd zich bij God. Hoezo verlossing. Het lijden wordt alleen maar erger.

Kijk ik naar wie ik ben en mijn bekwaamheden of vertrouw ik op God? Kijk ik naar mijn omstandigheden of vertrouw ik Zijn beloften?

zondag 2 februari 2025

Lees de Bijbel met mij...33 Ga op weg

 Lees Exodus 1, 2 en 3

We hebben het boek Genesis afgesloten. Het is 400 jaar later. De nakomelingen van Israël zijn een heel groot volk geworden. Zo groot dat ze een bedreiging beginnen te vormen voor het volk van Egypte. De farao wil de groei tegen gaan en geeft ze zwaar slavenwerk, maar het volk blijft maar groeien. Dan komt de farao met het plan om de pasgeboren Hebreeuwse jongetjes te doden. De vroedvrouwen Sifra en Pua willen hier, uit ontzag voor God, niet aan meewerken. Dan komt de opdracht aan heel het volk om alle pasgeboren Hebreeuwse jongetjes in de Nijl te werpen. 

Technisch gezien gehoorzaamde de moeder van Mozes toen ze het mandje met Mozes aan de Nijl toevertrouwde. Mirjam, het zusje, hield de wacht en zag dat de dochter van de farao het huilende jongetje vond. Mirjam weet wel een vrouw die het kind de borst kan geven. Haar eigen moeder.

"En de dochter van de farao zei tegen haar: Neem dit kind mee en geef het voor mij de borst. Ikzelf zal u uw loon geven. De vrouw nam het jongetje mee en gaf het de borst." (Ex. 2:9, HSV)

Toen het jongetje groot geworden was werd hij naar de dochter van de farao gebracht en zij gaf hem de naam Mozes (=uit het water getrokken) daardoor groeide Mozes op aan het hof maar bleef zich verbonden voelen met zijn eigen volk. 

"Toen hij nu de leeftijd van veertig jaar bereikt had, kwam het in zijn hart op zijn broeders, de Israëlieten, te bezoeken. En toen hij iemand zag die onrecht leed, nam hij hem in bescherming en wreekte degene die mishandeld werd: hij sloeg de Egyptenaar dood. En hij dacht dat zijn broeders begrijpen zouden dat God hun door zijn hand verlossing zou geven, maar zij begrepen het niet." (Han. 7:13, HSV)

Als hij, in woede, een Egyptenaar dood die een een Hebreeuwse man mishandeld moet hij vluchten. Dacht hij de Israëlieten te kunnen mobiliseren om te strijden tegen hun onderdrukkers aan te gaan? Maar de Israëlieten zijn helemaal niet gediend van zijn redding. "Wie heeft u tot leider en rechter over ons aangesteld?"

Hij vlucht naar Midian en trouwt met Zippora en wordt herder.

"En Mozes hoedde het kleinvee van zijn schoonvader Jethro, de priester van Midian. Hij dreef het kleinvee tot voorbij de woestijn, en hij kwam bij de berg van God, de Horeb." (Exo.3:1, HSV)

Het is veertig jaar later. Mozes is tachtig jaar oud. Bijna tijd om met pensioen te gaan. In een 'brandende' braamstruik maakt God zich bekend aan Mozes. De God van Abraham, Izak en Jakob. De God van het verleden is nog steeds dezelfde. God maakt zichzelf bekend als: ik zal zijn, die ik zal zijn. Dat werkwoord zijn staat in de toekomende tijd. Hij is dus ook de God van de toekomst. En hij is de God van het heden want:

God kent het leed van zijn volk. Hij heeft het gehoord en gezien staat er. God is gekomen om hen te redden uit de handen van hun slavendrijvers. God is bewogen met het leed en komt in actie.


Mozes krijgt de opdracht: Ga op weg...naar de farao. U zult Mijn volk, de Israëlieten, uit Egypte leiden. Door Mozes wil God het volk leiden. Maar in tegenstelling tot zijn jongere jaren voelt hij zich totaal niet meer bekwaam en sterk om het volk te leiden. Wie vreest hij meer, Degene die echt te vrezen is of de farao. God maakt duidelijk dat het niet makkelijk zal zijn maar dat Hijzelf hen zal redden. Gods leiding betekent niet dat je geen moeiten meer zult tegenkomen. 

"Maar Ík weet dat de koning van Egypte u niet zal laten gaan, ook niet door een sterke hand. Daarom zal Ik Mijn hand uitstrekken en Egypte treffen met al Mijn wonderen die Ik te midden daarvan doen zal. Daarna zal hij u laten gaan." (Ex. 3:19-20, HSV)


donderdag 30 januari 2025

Lees de Bijbel met mij 30...God vervult Zijn beloften

 Lees Genesis 46 en 47

"Toen zei God tegen Abram: Weet wel dat uw nakomelingen vreemdelingen zullen zijn in een land dat niet van hen is; zij zullen hen dienen en men zal hen vierhonderd jaar onderdrukken. Maar ook zal Ik over het volk dat zij zullen dienen, rechtspreken en daarna zullen zij met veel bezittingen wegtrekken....De vierde generatie zal hier terugkeren, want de maat van de ongerechtigheid van de Amorieten is tot nu toe niet vol." (Gen.15.13-16, HSV)

De profetie die hier aan Abraham is gegeven gaat nu beginnen met zijn vervulling. Israël vertrekt op 130-jarige leeftijd met zijn hele hebben en houden naar zijn zoon Jozef in Egypte. 

In Berseba (de plek waar zijn vader Izak een altaar bouwde) spreekt God in een nachtelijk visioen tot Israël. God zal hem in Egypte tot een groot volk maken. God zal meetrekken naar Egypte en zal zijn volk ook zeker doen terugkeren.

Het volk gaat naar de landstreek Gosen. Juda gaat voorop om de weg te wijzen en als ze aankomen, komt Jozef hen tegemoet. Eindelijk ontmoet hij zijn vader. Ze vallen elkaar huilend om de hals. De verloren zoon weer thuis in de armen van zijn vader.

"Het totale aantal zielen die met Jakob naar Egypte kwamen en die van hem afstamden, afgezien van de vrouwen van de zonen van Jakob, was bij elkaar zesenzestig zielen. De zonen van Jozef, die bij hem in Egypte geboren waren: twee zielen. Het totale aantal zielen die tot het huis van Jakob behoorden en die naar Egypte kwamen, was zeventig." (Gen. 46.26-27, HSV)

Jozef gaat met zijn vader en vijf broer naar de farao toe. Hij had de broers nog zo gezegd dat ze moesten zeggen dat ze veehouders waren in plaats van herders, maar de broers vertellen de farao de waarheid. Ze zijn gewoon herders (een gruwel in de ogen van Egyptenaren). Toch mogen ze in het beste deel van het land wonen. Ze gaan in de landstreek Gosen in Rameses wonen. 

Jakob zegent de farao. Dit kleine zinnetje laat zien dat Jakob zichzelf boven de farao plaatst. Want in Hebreeën 7:7 staat: "Het valt niet te ontkennen dat wie minder is, gezegend wordt door wie de meerdere van hem is."

Jozef onderhoudt zijn familie met voedsel. Hij voedt de volken en neemt zo hun geld, vee en grond af in ruil voor voedsel. De volken worden slaaf op hun verkochte gronden en een 5de deel van de opbrengt komt de farao toe.

De familie van Israël bleef in de streek Gosen in Egypte wonen. Ze hadden daar eigen grond gekregen. Ze kregen veel kinderen en vermeerderden sterk, zodat hun familie heel groot werd. Jakob leefde nog 17 jaar in Egypte.

Wij kunnen Gods pan niet overzien maar Gods plan gaat door. De Messiaanse lijn, het Nageslacht van Abraham, Izak en Jakob...

De Naam van God zij geloofd van eeuwigheid tot in eeuwigheid, want van Hem is de wijsheid en de kracht. Hij verandert de tijden en tijdstippen, Hij zet koningen af en stelt koningen aan, Hij geeft de wijsheid aan wijzen, de kennis aan wie verstand hebben. Hij openbaart diepe en verborgen dingen, Hij weet wat in het duister is, want het licht woont bij Hem. U, God van mijn vaderen, dank en prijs ik...(Daniël 2:20-23, HSV)


woensdag 29 januari 2025

Lees de Bijbel met mij...29 Eerst zien dan geloven

Lees Genesis 43, 44 en 45

God, de Almachtige, geve jullie barmhartigheid in de ogen van die man, zodat hij jullie andere broer en Benjamin met jullie terug laat gaan. En wat mij betreft, als ik van kinderen beroofd word, dan word ik maar van kinderen beroofd. (Gen.43.14, HSV)

Met de moed der wanhoop gaan de broers weer op weg naar Egypte. Uiteindelijk heeft de vader Israël er in toegestemd om Benjamin mee te laten gaan. Hij kan niet anders. Ze zouden allemaal omkomen van de honger. Ze nemen dubbel zoveel geld en geschenken mee (balsem, honing, specerijen,  mirre, pistachenoten en amandelen). Zouden ze daarmee een onderkoning die alles al bezit gunstig kunnen stemmen? Ook het geld dat ze de vorige keer terugvonden in hun zakken nemen ze weer mee. 

Als ze meegenomen worden naar het huis van Jozef worden ze bang. Zullen ze slaaf gemaakt worden of overvallen worden? Gestraft omdat ze vorige keer niet betaald hadden? Het geld lag de vorige keer immers in hun zakken. De dienaar van Jozef stelt hen gerust.

"Hij zei: Vrede zij u, wees niet bevreesd. Uw God en de God van uw vader heeft u een schat in uw zakken gegeven; uw geld heeft mij bereikt. Toen liet hij Simeon naar buiten brengen, naar hen toe". (Gen.43.23, HSV)

Jozef ontvangt zijn broers in zijn huis en richt een grote maaltijd aan. Hij laat de broers zitten op volgorde van leeftijd en Benjamin krijgt vijf keer meer dan zijn broers. De volgende dag willen ze terugkeren. Ze zijn overvloedig gezegend.

Maar Jozef haalt ze met een list terug. In Benjamins zak wordt de zilveren beker van Jozef gevonden, die de dienaar van Jozef daarin had gestopt. Benjamin is een 'dief' en moet als slaaf achterblijven bij Jozef.

Juda, degene die op het idee kwam om  Jozef als slaaf te verkopen, springt nu in de bres. Hij heeft beloofd borg te staan voor zijn broer. Zijn vader zou het verlies van Benjamin niet overleven. Hij wil de plaats van Benjamin wel innemen. 

Dan, in alle ontreddering en wanhoop maakt Jozef zichzelf bekend. Niet de broers maar God zelf heeft Jozef naar Egypte gebracht. 

"Maar nu, wees niet bedroefd en laat jullie ogen niet in toorn ontvlammen omdat jullie mij hiernaartoe hebben verkocht, want God heeft mij vóór jullie uit gezonden tot behoud van jullie leven." (Gen.45.5, HSV)

De familie moet maar dicht bij Jozef in het land Gosen komen wonen. Er zal nog 5 jaar hongersnood zijn. Jozef stuurt wagens mee om zijn vader en hun families op te halen. Ze krijgen proviand en kleren mee. Benjamin vijf keer zoveel en 300 zilverstukken. Jozef drukt de broers op het hart: "Maak onderweg geen ruzie".

De broers moeten hun vader overtuigen dat zijn Jozef nog leeft. Jakob (Israël wordt nu ineens weer Jakob genoemd) kan het niet geloven. Pas als hij de wagens ziet beseft hij dat Jozef werkelijk leeft en dat Jozef onderkoning is van Egypte.

Zijn wij vaak ook ongelovig tot wij zien? En durven wij ons dan aan deze waarheid toe te vertrouwen?

Willen we het eerst zien zoals de Joden, willen we het eerst begrijpen zoals de Grieken of...willen we geloven omdat God het ons openbaart...

dinsdag 28 januari 2025

Lees de Bijbel met mij...28 Profetie

Lees Genesis 40, 41 en 42

De schenker en de bakker. Allebei gevangen krijgen een droom. Voor het eerst horen we iets over het geloof van Jozef. Hij vertelt namelijk in God te geloven, want alleen God kan hun dromen uitleggen. 

De schenker ziet drie ranken aan een wijnstok en hij mag de druiven uitpersen in de beker van de Farao. De bakker ziet drie broodmanden op z'n hoofd waarvan de vogels pikken. Jozef legt uit dat ze allebei verhoogd zullen worden. De één letterlijk en de ander figuurlijk De schenker een hoge plaats aan het hof en de bakker wordt verhoogd aan een paal. 

De schenker en de bakker. Brood en wijn. De wijn wordt opnieuw gedronken in het koninkrijk en het brood dat wordt gebroken... aan een paal gehangen...op de derde dag. Het lijkt wel een verborgen profetie die naar Jezus wijst. 

"En nadat Hij een drinkbeker genomen had en gedankt had, zei Hij: Neem deze en deel hem onder elkaar. Want Ik zeg u dat Ik niet drinken zal van de vrucht van de wijnstok, totdat het Koninkrijk van God gekomen is. En Hij nam brood en nadat Hij gedankt had, brak Hij het en gaf het aan hen met de woorden: Dit is Mijn lichaam, dat voor u gegeven wordt. Doe dat tot Mijn gedachtenis." (Lukas 22:17-19, HSV)

Jozef vraagt de schenker een goed woordje voor hem te doen maar de schenker vergeet hem. Twee jaar later krijgt de Farao een droom die niemand uit kan leggen. Eindelijk herinnert de schenker de Hebreeër Jozef. Hij mag de dromen van de koeien en aren uitleggen. Er komt na een periode van overvloed een periode van hongersnood

"Nu dan, laat de farao naar een verstandige en wijze man uitzien en die over het land Egypte aanstellen. Laat de farao het volgende doen: Laat hij opzichters over het land aanstellen en tijdens de zeven jaren van overvloed het vijfde deel van de opbrengst van het land Egypte opeisen. Laten zij alle voedsel van deze komende goede jaren bijeenbrengen en op last van de farao het koren opslaan, als voedsel in de steden, en dat bewaren." (Gen.41.33-35, HSV)"

Daarom zei de farao tegen zijn dienaren: Zouden wij ooit iemand kunnen vinden als deze man, in wie de Geest van God is?" (Gen.41.38, HSV)

Jozef wordt de op zijn 30ste de op één na machtigste man van Egypte. Heerser van het 'Broodhuis' mag hij de volken voeden. Ook zijn broers komen langs. Hij herkent zijn broers maar zijn broers herkennen hem niet. Jozef houdt zijn identiteit verborgen. Zijn broers zijn bang voor hem en toch ontvangen ze in overvloed. Jozef wil zijn broers terugzien en neemt Simeon gevangen met de opdracht de jongste broer de volgende keer mee te nemen om te bewijzen dat ze geen spionnen zijn.

maandag 27 januari 2025

Lees de Bijbel met mij...27 Blijf vertrouwen

 Lees Genesis 37, 38 en 39

Jozef is het lievelingetje van zijn vader. De oudste zoon van zijn lievelingsvrouw. Jozef vindt het een goed plan om alles wat zijn broers verkeerd doen of zeggen aan zijn vader te rapporteren. En dan ook nog die dromen dat iedereen voor hem moet buigen. Dat gaat zelf zijn vader te ver.

Jakob vraagt of Jozef wil gaan kijken bij zijn broers. Hoe gaat het met ze? Ze weiden de schapen bij Sichem 80 kilometer ten noorden van Hebron. Een reis die een paar dagen in beslag moet hebben genomen. Jozef besluit zijn mooie veelkleurige gewaad te dragen en dat werkt als een rode lap op een stier. De broers zien hem al van verre aankomen en besluiten hem te doden en in een put te gooien. Maar Ruben de oudste wil niet dat ze hem doden maar alleen in de put gooien. Dat zal hem leren... De andere broers zien een karavaan met Ismaëlieten voorbij komen en Juda stelt voor om Jozef te verkopen. Voor 20 zilverstukken wordt Jozef verkocht naar Egypte.

Ruben is waarschijnlijk niet bij de verkoop, want hij is radeloos als hij bij de put komt en ziet dat Jozef er niet meer is...De broers besmeuren de mantel met het bloed van een geitenbok en sturen de mantel naar hun vader die daardoor denkt dat Jozef door een wild dier gegrepen is.

En dan is daar ineens het verhaal van Juda en zijn verhouding met zijn schoondochter Tamar, zo middenin het verhaal over Jozef. Juda die Jozef verkocht heeft. Hij is weggetrokken van zijn broers en neemt zijn intrek bij een Kanaänitische man. Kon hij het verdriet van zijn vader niet meer aanzien? (Toch gaat in Tamar gaat de Messiaanse lijn door Matth. 6:3)

De 17-jarige Jozef komt te werken voor Potifar, een Egyptische lijfwacht die werkt aan het hof van de Farao. God zegent Jozef zo dat het begint op te vallen. Jozef krijgt de leiding over heel zijn huis. De vrouw van Potifar laat een oogje op hem vallen en probeert hem te verleiden. Maar Jozef wijst haar af. Weer wordt de 'mantel' van hem afgenomen. Jozef wordt vals beschuldigd en komt in de gevangenis terecht. Zo kom je door de zonden van een ander in de ellende. Was de zegen van God niet genoeg om Jozef te beschermen? Maar God heeft een plan ook als wij een stap in ons leven helemaal niet begrijpen. Ook in de gevangenis wordt de bijzondere zegen van God ervaren en krijgt Jozef de leiding over al de gevangenen.  

'En het hoofd van de gevangenis gaf al de gevangenen die in de gevangenis waren, in de hand van Jozef; al het werk dat men daar deed, deed hij. Het hoofd van de gevangenis zag naar geen enkel ding meer om van wat in zijn hand was, omdat de HEERE met hem was. Alles wat hij deed, liet de HEERE voorspoedig verlopen."



zondag 26 januari 2025

Lees de Bijbel met mij...26 Vermenging of heiliging

 Lees Genesis 34, 35 en 36


"En word niet aan deze wereld gelijkvormig, maar word veranderd door de vernieuwing van uw gezindheid om te kunnen onderscheiden wat de goede, welbehaaglijke en volmaakte wil van God is."(Romeinen 12:2)

"Dina,... trok  eropuit om bij de meisjes van dat land te gaan kijken."

Nieuwsgierig naar de gebruiken en de cultuur van het nieuwe land. Maar deze nieuwsgierigheid komt haar duur te staan. Ze wordt onteerd door de prins van de Hevieten. Het volk waaruit Ezau zijn vrouw Oholibama vandaan haalde...Het volk wil zich wel vermengen met de familie van Israël en laat zich besnijden. Sichem, de prins wil alles wel doen om Dina tot zijn vrouw maken.
Alle mannen worden besneden maar op de 3de dag komt de wraak. De broers van Dina doden alle mannen en nemen alles mee wat van de mannen was. Ook hun vrouwen en kinderen.

God zegt tegen Jakob om op te staan, om naar Bethel te gaan. Daar waar 'de Jakobsladder' stond toen hij vluchtte voor Ezau en waar God met hem had gesproken. Daar moet hij een altaar bouwen. 

"Daarom zegt Hij: Ontwaak, u die slaapt, en sta op uit de doden, en Christus zal over u lichten. Let er dan op dat u nauwgezet wandelt, niet als dwazen, maar als wijzen," (Efeze 5:14)

Jakob geeft een opdracht aan al het volk om alle vreemde goden weg te doen en zich te heiligen. Nog steeds hielden sommigen (waaronder Rachel, die de huisgodjes van Laban mee had genomen) er vreemde goden op na. Nog steeds was er een vermenging met andere culturen. 
In Bethel maakt Jakob een altaar en maakt God zich aan Jakob bekend als God, de Almachtige en bevestigd Jakobs nieuwe naam Israël.

Van Bethel vertrekt Jakob naar Bethlehem. Rachel is zwanger en sterft onderweg bij de geboorte van Benjamin in de velden van Efrath. Jakob trekt uiteindelijk verder naar Hebron waar Izak zijn vader woont. Meer dan 20 jaar nadat Izak dacht te sterven, sterft hij en wordt door Jakob en Ezau begraven.

Dan een opsomming van het nageslacht van Ezau en zijn drie vrouwen. Hij verwekt vijf zonen en elf kleinkinderen waarvan veertien stamhoofd worden. Waaronder Amelek, die de grootste vijand van Israël zal worden. Ezau vermengt zich helemaal met de volken van het Seïrgebergte. Ook de familielijn van zijn buitenlandse vrouw Oholibama wordt uitvoerig beschreven. Nu horen we over de eerste koningen. Dit laat zien hoe ze in hun hoogmoed ver bij van God vandaan lopen. 

God, die Koning der koningen is.

Uw Naam worde geheiligd, Uw Koninkrijk kome, Uw wil geschiedde...



zaterdag 25 januari 2025

Lees de Bijbel met mij... 25 Wees stil

De zondag is een goed moment om na te denken over de teksten die je gelezen hebt. Welk teksten hebben je aangesproken. 

Heb je:

een belofte om op te vertrouwen,

en waarschuwing om in acht te nemen,

een waarheid aan te nemen

een opdracht om mee aan de slag te gaan

een bemoediging om in te rusten.

(vragen overgenomen van Life.Church)

We lazen deze week over Abraham die gaat...op weg naar een land die God hem wijzen zal... een Hemels Vaderland... een belofte in Zijn Nageslacht....
God die Zijn eniggeboren Zoon wel gegeven heeft als een losprijs voor ons. God die ons het leven geeft en die ons leven leidt...ook als we dat zelf niet zien. Vader God met wie wij mogen leven uit genade en niet uit werken...Wees stil en weet dat Ik God ben.





vrijdag 24 januari 2025

Lees de Bijbel met mij...24 Waar strijd je voor?

Lees Genesis 30, 31, 32 en 33


Rachel wordt jaloers op haar zus Lea. Zij heeft nu al 4 zonen. Rachel geeft haar slavin Bilha aan Jakob zodat ook zij kinderen zal hebben en krijgt 2 zonen. Ook Lea geeft haar slavin Zilpa en krijgt 2 zonen. Lea zelf krijgt daarna zelf nog 2 zonen en een dochter. De strijd om liefde en waardering ontbrandt. Uiteindelijk wordt Rachel zelf zwanger en Jozef wordt geboren. Het elfde kind van Jakob. Jakob wil werken voor zijn eigen huis en teruggaan naar zijn eigen land en woonplaats. 

Daarop zei hij: Wat moet ik je geven? Toen zei Jakob: U hoeft mij helemaal niets te geven; als u het volgende voor mij wilt doen, zal ik opnieuw uw kleinvee hoeden en beschermen. Ik zal vandaag al uw kleinvee langsgaan en daaruit elk gespikkeld of gevlekt dier afzonderen, elk zwart dier onder de schapen en alles wat gevlekt en gespikkeld is onder de geiten; en dat zal mijn loon zijn.

Laban heeft gezien dat de Here hem gezegend heeft vanwege Jakob. Hij staat toe dat Jakob zijn eigen kudde vormt uit de zwarte schapen en gespikkelde geiten. Die zijn toch een minderheid in de kudde van Laban. Maar Jakob verzint een list en laat de gespikkelde sterke dieren bronstig worden zodat deze zeer toenemen en zijn kudde en rijkdom steeds groter wordt.

 'Zo breidde het bezit van deze man zich zeer sterk uit; hij had veel kleinvee, slavinnen, slaven, kamelen en ezels.' (30.43)

Het wordt gevaarlijk om nog langer bij Laban te wonen. De zonen van Laban worden jaloers,. Zij zien hun erfenis opdrogen en ook Laban zelf is niet meer zo blij met Jakob. "Ook lette Jakob op het gezicht van Laban, en zie, het stond ten opzichte van hem niet meer als voorheen." Ook God zelf waarschuwt Jakob dat hij terug moet gaan naar het land waar hij vandaan kwam. 

"Ik ben de God van Bethel, waar u een gedenkteken gezalfd hebt, waar u Mij een gelofte gedaan hebt. Welnu, sta op, vertrek uit dit land en keer terug naar het land van uw familiekring."

Twintig jaar heeft Jakob als een slaaf gewerkt voor Laban. Hij vlucht met zijn vrouwen, kinderen en bezit, uit angst dat Laban zijn vrouwen en bezit van hem afneemt. Hij vertrekt naar huis, naar zijn vader Izak in Kanaän. Laban gaat hem woedend achterna. Maar God waarschuwt Laban. Hij moet Jakob laten gaan. De God die alles ziet zal zelf de wacht houden tussen Jakob en Laban.

"Laat de HEERE de wacht houden tussen mij en jou, als wij voor elkaar verborgen zijn.... Laten de God van Abraham en de god van Nahor, de god van hun vader, tussen ons oordelen. En Jakob legde een eed af bij de Gevreesde van zijn vader Izak." (31:49,53)

Bijzonder dat Jakob engelen ontmoet als hij weer op pad gaat (32:1) Ondanks alle bemoedigingen en zegen die Jakob van God mocht ervaren is Jakob bang voor zijn broer Ezau. Zal hij nog steeds wraak willen. Hij stuurt boden naar Ezau dat hij weer terugkeert maar de boden vertellen dat Ezau hem tegemoet komt met 400 man! Hij stuurt geschenken vooruit om zijn broer gunstig te stemmen. Jakob laat alles de beek oversteken maar blijft zelf achter en bidt en strijdt met God. De God die meer te vrezen is dan Ezau. Hij ontwricht Jakobs heupgewricht, Jakobs eigen kracht is door de strijd gebroken maar hij houdt zich vast aan God. Niet langer Jakob=bedrieger maar Israël=God strijdt is nu zijn naam... Hij had niet bang hoeven zijn...Hij mag vertrouwen op God zelf, die voor ons strijdt. 

Maar al te vaak strijden we voor het geluk van ons eigen kleine leventje totdat we het grotere plan van God ontdekken. Hij heeft een doel met ons leven en het is Zijn strijd. Hij komt tot Zijn doel. Hij vervult misschien niet al onze wensen maar wel al Zijn beloften. En hij gebruikt zelfs onze fouten en doet alle dingen meewerken ten goede...

"De God van Israël is God."




donderdag 23 januari 2025

Lees de Bijbel met mij...23 Liefde verdienen

Lees Genesis 26, 27, 28 en 29


Izak krijgt net als Abraham de zegen van God. 

"Ik zal uw nageslacht zo talrijk maken als de sterren aan de hemel en uw nageslacht al deze landen geven. In uw Nageslacht zullen alle volken van de aarde gezegend worden," (Gen.26.4, HSV)

Izak vlucht voor een hongersnood naar Gerar en net als zijn vader liegt hij tegen de bevolking door te zeggen dat Rebekka zijn zuster is, maar hij wordt betrapt.

"Toen hij daar al lange tijd geweest was, gebeurde het dat Abimelech, de koning van de Filistijnen, uit het venster keek en zag, en zie, Izak was zijn vrouw Rebekka aan het liefkozen".

Het verblijf in het land van de Filistijnen werpt zijn vruchten af en Izak wordt een welvarend man. Ook hij moet vertrekken omdat het land te klein wordt.

'Hij had kudden kleinvee en kudden runderen, en een groot aantal slaven, zodat de Filistijnen jaloers op hem werden. ' (Gen. 26.14, HSV)

Jakob had al het eerstgeboorterecht gekocht met een bord linzensoep en nu steelt Jacob de eerstgeboortezegen door zijn vader te bedriegen. Zijn vader maakt Jakob heerser over zijn broers. Jakob moet vluchten voor de wraak van Ezau. Hij vlucht naar Laban de broer van Rebekka.

Jakob krijgt de zegen van God. Hij had het eerstgeboorterecht en de zegen helemaal niet hoeven stelen.

"En zie, de HEERE stond boven aan die ladder en zei: Ik ben de HEERE, de God van uw vader Abraham en de God van Izak; dit land waarop u ligt te slapen, zal Ik u en uw nageslacht geven. Uw nageslacht zal talrijk zijn als het stof van de aarde en u zult zich uitbreiden naar het westen, het oosten, het noorden en het zuiden. In u en uw nageslacht zullen alle geslachten van de aardbodem gezegend worden."

Jakob moet het eerst nog maar zien en maakt een soort werkovereenkomst met God. Als U dit dan zal ik dat...

"Jakob legde een gelofte af en zei: Als God met mij zal zijn en mij zal beschermen op deze weg, waar ik op ga, en mij brood zal geven om te eten en kleren om aan te trekken, en ik in vrede in het huis van mijn vader zal terugkeren, dan zal de HEERE mij tot een God zijn. Deze steen, die ik als gedenkteken overeind gezet heb, zal een huis van God zijn. En van alles wat U mij geven zult, zal ik U zeker het tiende deel geven.' (Gen. 28:20-22, HSV) 

Jakob komt herderin Rachel tegen bij de waterput. Hij is op slag verliefd. Net als zijn moeder geeft hij haar dieren water. Dit kan gewoon geen toeval zijn, toch? Hij moet met haar trouwen. Zeven jaar werkt hij om Rachel te verdienen maar...Hij krijgt Lea met haar fletse ogen. Dat was niet de bedoeling. De bedrieger wordt bedrogen. Maar na de bruiloftsweek mag hij ook met Rachel trouwen, als hij dan nog maar eens 7 jaar voor Laban werkt. God ziet dat Lea niet geliefd is en zegent haar met kinderen. en dan barst de strijd los om de liefde van Jakob te verdienen.


woensdag 22 januari 2025

Lees de Bijbel met mij...22 God zal voorzien

Lees Genesis 22, 23, 24 en 25

De geschiedenis van Izak. Als het een film was geweest had ik gezegd dat het personage niet veel diepgang bezat. Het verhaal vertelt niet veel over het gedrag en de gevoelens van Izak zelf. Hij is als het ware slachtoffer van alle gebeurtenissen die hem overkomen. En dan begint het gelijk met een heel raar verhaal. Zijn vader Abraham krijgt van God de opdracht om zijn zoon, zijn enige die hij liefheeft, te offeren als brandoffer op één van de bergen in het land Moria? Hoe kan dat...De wet van Mozes bestaat natuurlijk nog niet, waarin staat dat je niet zult doden, maar God heeft duidelijk tegen Noach gezegd:

"Voorzeker, Ik zal vergelding eisen voor uw bloed, voor uw levens. Van de hand van alle dieren zal Ik vergelding eisen; ook van de hand van de mens, van de hand van ieders broeder, zal Ik vergelding eisen voor het leven van de mens. Vergiet iemand het bloed van de mens, door de mens zal diens bloed vergoten worden; want naar het beeld van God heeft Hij de mens gemaakt." (Gen. 9: 5-6, HSV)

De mens is een heilig wezen, een afspiegeling van God zelf. 
Abraham is gehoorzaam en door alle gebeurtenissen die hij al met God heeft meegemaakt vertrouwt hij God volledig. God is een God die zijn beloften nakomt en het goede voorheeft. In Hebreeën 11: 17 staat:

Door het geloof heeft Abraham, toen hij door God op de proef gesteld werd, Izak geofferd. En hij, die de beloften ontvangen had, heeft zijn eniggeborene geofferd. Tegen hem was gezegd: Dat van Izak zal uw nageslacht genoemd worden. Hij overlegde bij zichzelf dat God bij machte was hem zelfs uit de doden op te wekken. En hij kreeg hem als het ware daaruit ook terug.

Bedenk dat Izak (30) op het moment dat hij geofferd zou worden geen kind meer was. Hij is op het hout gelegd en daar heeft God voorzien in een ram die in plaats van zijn zoon werd geofferd. Izak is een voorafschaduwing van Jezus. Het Lam Gods die de zonde van de wereld wegneemt en in onze plaats is gestorven op het hout. God heeft Abraham laten ervaren wat hij heeft gedaan om ons vrij te kopen.

Weetje: De berg Moria is de plaats waar later de tempel in Jerusalem werd gebouwd!
2Kr 3:1  Toen begon Salomo het huis van de HEERE te bouwen, in Jeruzalem, op de berg Moria, waar [de HEERE] aan zijn vader David verschenen was, op de plaats die David bepaald had, op de dorsvloer van Ornan, de Jebusiet. (HSV)

Nog een keer krijgen Abraham de belofte dat in zijn Nageslacht alle volken van de aarde gezegend zullen worden. 
Als Izak 37 is sterft zijn moeder Sara op 127-jarige leeftijd en wordt begraven in de grot van Machpela (Hebron) die Abraham van de Hethieten kocht.

Izak een man van gebed:
"Izak ging tegen het vallen van de avond naar buiten om te bidden in het veld. Hij sloeg zijn ogen op, en zag, en zie, er kwamen kamelen aan." (24: 63)  

Izak (40) wordt getroost door de komst van zijn bruid Rebekka, die hij liefheeft. De dienaar van Abraham heeft na gebeden te hebben op wonderlijke wijze een vrouw voor Izak uit de familiekring van Abraham gevonden. Rebekka een achternichtje van Abraham wordt de vrouw van Izak. God heeft weer voorzien.

Na 20 jaar was Rebekka nog niet zwager. Izak is inmiddels 60 jaar en anders dan zijn vader zoekt hij geen andere manieren om de belofte van nageslacht in vervulling te laten gaan. Izak blijft vertrouwen en bidden. "Izak bad vurig tot de HEERE in het bijzijn van zijn vrouw, want zij was onvruchtbaar. En de HEERE liet Zich door hem verbidden, zodat Rebekka, zijn vrouw, zwanger werd."

Rebekka wordt zwanger van een tweeling. Jakob en Esau...Helaas Rebekka en Izak houden er allebei een lievelingetje op na en dat komt de verhoudingen in het gezin helaas niet ten goede.  

dinsdag 21 januari 2025

Lees de Bijbel met mij...21 Nageslacht

Lees Genesis vanaf 18:15, 19, 20 en 21

Vandaag lezen we verschillende verhalen. Het verhaal van de dochters van Lot. Abraham die door bedrog de Filistijnen in gevaar brengt en Hagar die met haar zoon weggestuurd wordt. De drie geschiedenissen gaan over mensen die zichzelf willen redden en daardoor in de problemen komen. De dochters van Lot zondigen en creëren nageslacht die later vijanden (Moabieten en de Ammonieten) van Israël worden. Abraham zondigt door niet te vertellen dat Sara niet alleen zijn halfzuster maar ook zijn vrouw is, waardoor de Filistijnen vervloekt worden en tijdelijk niet meer voor nageslacht kunnen zorgen. en de Egyptische Hagar laat Ismaël bijna sterven en zoekt voor de zoon van Abraham een Egyptische vrouw. Ook uit Ismaël zal een groot volk ontstaan en 12 vorsten voortkomen omdat het Abrahams zoon is. 

Maar: "alleen het nageslacht van Izak zal uw nageslacht genoemd worden."

Als we zonder God wandelen lopen onze wegen dood, want Gods wegen zijn anders dan onze wegen.

"Zoek de HEERE terwijl Hij te vinden is, roep Hem aan terwijl Hij nabij is. Laat de goddeloze zijn weg verlaten, de man van ongerechtigheid zijn gedachten. Laat hij zich bekeren tot de HEERE, dan zal Hij Zich over hem ontfermen, tot onze God, want Hij vergeeft veelvuldig. Want Mijn gedachten zijn niet uw gedachten, en uw wegen zijn niet Mijn wegen, spreekt de HEERE. Want zoals de hemel hoger is dan de aarde, zo zijn Mijn wegen hoger dan uw wegen en Mijn gedachten dan uw gedachten." (Jes.55:7-9)

Eén verhaal is en blijft een rode lijn in al deze verhalen en dat is de beloofde zoon en Nageslacht van Abraham. Gods verhaal, een verhaal van verzoening klinkt door al deze verhalen heen. Wij mensen verprutsen het steeds weer als we zonder God proberen te leven. Maar al vanaf het begin is God een groot werk begonnen. De belofte aan Eva (uw Zaad) en nu ook aan Abraham (uw Nageslacht).




maandag 20 januari 2025

Lees de Bijbel met mij...20 Niet langer slaaf

 Lees Genesis 16, 17 en 18: 1-15

Abram woont al 10 jaar in Kanaän en al 10 jaar wachten Abram en Saraï op de beloofde zoon. Maar er gebeurt niets. Saraï blijft nog steeds onvruchtbaar en bedenkt een plan om Abram toch een zoon te schenken. Haar slavin Hagar, kan voor haar en Abram voor nageslacht zorgen.

"En Abram luisterde naar de stem van Saraï"

Wat een ellende als wij zelf Gods beloften proberen af te dwingen en onze eigen uitleg proberen te geven aan wat God heeft beloofd. Ze hadden geduldig gewacht maar na 10 jaar wordt het wel eens tijd. Abram was inmiddels de leeftijd van de zeer sterken al ruim gepasseerd. (Psalm 90:10).

Ismaël (God hoort) wordt geboren. De Engel van de Heere had beloften gegeven en die naam genoemd. Hagar voelt zich gezien en geeft God een naam: U bent de God Die naar mij omgezien heeft.

13 jaar later bevestigt God nog eens Zijn verbond en verandert de naam Abram in Abraham. Hij zal een vader van een menigte van volken worden en God sluit een eeuwig verbond met zijn nageslacht, waarvoor hij een God zal zijn. Als teken van Gods verbond moeten alle mannelijke leden van zijn huis besneden worden (ook de vreemdelingen die met geld gekocht zijn). Saraï (90) zal Sara gaan heten en een zoon baren en hem de naam Izak geven. Gods verbond is niet met Ismaël maar met Izak. De zoon waar Sara 25 jaar op moest wachten.

Abram houdt veel van zijn zoon Ismaël. "En Abraham zei tegen God: Och, zou Ismaël voor Uw aangezicht mogen leven!" Maar God zal zijn eeuwig verbond met Izak sluiten.

Paulus zegt in Galaten 4 dat deze twee zonen, Ismaël en Izak een diepere betekenis hebben. Als we naar de wet leven (die van buitenaf wordt opgelegd) blijven we slaven. Door Christus zijn wij kinderen van de belofte, kinderen van God geworden en worden wij geleid door de Geest (die de wet van binnenuit door de Liefde vervuld). We zijn niet langer naar het vlees maar naar de Geest geboren.

"Want er staat geschreven dat Abraham twee zonen had, een van de slavin, en een van de vrije. Maar hij die van de slavin was, is naar het vlees geboren, hij echter die van de vrije was, door de belofte. Deze dingen hebben een zinnebeeldige betekenis; want deze vrouwen zijn de twee verbonden: het ene, dat van de berg Sinaï, dat kinderen voortbrengt voor de slavernij, dat is Hagar. Want deze Hagar is de berg Sinaï in Arabië, en komt overeen met het huidige Jeruzalem, dat met haar kinderen in slavernij is. Maar het Jeruzalem dat boven is, is vrij, en dat is de moeder van ons allen...Wij nu, broeders, zijn kinderen van de belofte, net zoals Izak."

zondag 19 januari 2025

Lees de Bijbel met mij...19 Hemels Vaderland

 Lees Genesis 12, 13, 14 en 15

Abram wordt door God geroepen uit zijn land, familiekring en vader 's huis. Naar het land dat God hem wijzen zal. Het zal je maar gebeuren dat je alles achter moet laten een onbekende toekomst tegemoet. De 75-jarige Abram gaat op pad samen met zijn vrouw Saraï en neef Lot en trekt met al zijn bezittingen en de mensen die hij in Haran verkregen had verder naar het zuiden. Naar Kanaän.

Zijn vader was deze reis al begonnen vanuit Ur maar was in Haran blijven steken. (Gen 11:31)

Abram krijgt een belofte mee. Hij zal een groot volk worden en in hem zullen alle volken gezegend worden.

Als hij in Sichem aankomt verschijnt God daar aan Abram en zegt dat dit het land is dat Hij aan Abram zal geven.  Abram was zeer rijk, aan veel, zilver en goud. Maar door hongersnood gedreven wordt hij gedwongen om verder te zwerven.

Door de rijkdom van Abram en neef Lot worden ze gedwongen om uit elkaar te gaan. Er is niet genoeg land om er beide goed van te leven. Lot kiest het vruchtbaarste land en gaat bij Sodom wonen (de mannen waren slecht en grote zondaars tegenover de HEERE). Abram vertrouwt op God en kiest niet het beste deel voor zichzelf. En weer krijgt Abram een belofte mee dat God dit land zal geven en dat zijn nageslacht een groot volk zal worden.

Maar het land waar Lot gaat wonen komt net in die tijd in opstand tegen koning Kedor-Laomer die ze al 12 jaar hadden gediend. Helaas delven ze het onderspit en worden ook Lot en zijn bezittingen buit gemaakt. Abram hoort wat Lot is overkomen en neemt alle geoefende mannen die in zijn huis geboren zijn mee. Een "Gideonsbende" 318 mannen die hij 's avonds verdeeld in groepen waarmee hij het vijandige leger verrast en verslaat. 

"En Melchizedek, de koning van Salem, bracht brood en wijn; hij was een priester van God, de Allerhoogste. En hij zegende hem en zei: Gezegend zij Abram door God, de Allerhoogste,
Die hemel en aarde bezit! En geloofd zij God, de Allerhoogste, Die overgeleverd heeft
uw tegenstanders in uw hand! En Abram gaf hem van alles een tiende deel." (14:18-20)

Ondanks dat er nog geen priesterdienst is ingesteld is er wel een Koning en Priester van Salem (vrede), de priester van God, de Allerhoogste, die Abram begroet en zegent met brood en wijn aan wie Abram zijn tienden geeft.

Melchizedek (Naam= Koning van gerechtigheid) die een voorafschaduwing van Jezus is.


'Het is immers overduidelijk dat onze Heere van Juda afstamt, over welke stam Mozes niets gezegd heeft in verband met het priesterschap. En dit wordt nog veel duidelijker, als er naar het evenbeeld van Melchizedek een andere Priester opstaat, Die dat niet geworden is op grond van een wettelijk voorgeschreven afstamming, maar uit kracht van onvergankelijk leven. ' (Hebreeën 7:14-16)
 
'De HEERE heeft gezworen en Hij zal er geen berouw van hebben: U bent Priester voor eeuwig, naar de ordening van Melchizedek. ' (Psalm 110:4)

Abram krijgt een profetie. Vierhonderd jaar zullen de nakomelingen van Abram onderdrukt worden en  vreemdelingen zijn in een land dat niet van hen is. God zal over dat land rechtspreken en het nageslacht zal met veel bezittingen wegtrekken.
De 4de generatie zal terugkomen in Kanaän en het in bezit nemen, want..."de maat van de ongerechtigheid van de Amorieten is tot nu toe niet vol."

"Deze allen zijn in het geloof gestorven. Zij hebben de vervulling van de beloften niet verkregen, maar hebben die vanuit de verte gezien en geloofd en begroet, en zij hebben beleden dat zij vreemdelingen en bijwoners op de aarde waren. Want wie zulke dingen zeggen, laten duidelijk blijken dat zij een vaderland zoeken. En als zij aan het vaderland gedacht hadden vanwaaruit zij weggegaan waren, zouden zij gelegenheid gehad hebben om terug te keren. Maar nu verlangen zij naar een beter, dat is naar een hemels vaderland. Daarom schaamt God Zich niet voor hen om hun God genoemd te worden. Want Hij had voor hen een stad gereedgemaakt." (Hebr. 11)
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...