dinsdag 25 mei 2021

Langzamer leven

'Leer ons zó onze dagen tellen, dat wij een wijs hart bekomen. Keer weder, o Here! Hoelang nog? en ontferm U over uw knechten. Verzadig ons in de morgenstond met uw goedertierenheid, opdat wij jubelen en ons verheugen al onze dagen.' 
(Psalmen 90:12‭-‬14) 

Ken je het verhaal van de haas en de slak? Beiden rennen een wedstrijd maar pas bij de finish wordt het doel van de wedstrijd bekendgemaakt. Het ging niet om de snelheid maar om de bijzondere dingen die ze onderweg hadden beleefd en gedaan. 

Het leven lijkt wel een beetje op deze wedstrijd. Er zijn dagen dat we haastig door het leven vliegen op weg naar...ja, naar wat? Een rustig moment, een vrije dag, vakantie of pensioen? Zou ons geluk dan in de toekomst liggen? Na de dagen die donker en zwaar zijn? Is het geluk te vinden na de dagen waar onze agenda overstroomt of na de saaie lege dagen waarvan we wensen dat ze maar snel voorbij zijn. 

Staat er niet dat elke dag telt en dat we ons elke dag kunnen verheugen? 
Dat kan alleen als we ons elke ochtend verzadigen met Gods goedertierenheid staat hierboven. Goedertierenheid betekent letterlijk goedheid die groeit. 
Elke dag schenkt God ons die genadige overvloedige goedheid. Als we Gods uitnodigende nabijheid binnengaan krijgen we een ander perspectief en gaan we langzamer leven. We krijgen we oog voor de lichtpuntjes die in elke dag/moment aanwezig zijn. Omdat God er altijd bij is. De sneltrein van haastige drukte en de soms blinde paniek waarmee we door het leven razen komt tot stilstand. We gaan zien wat werkelijk belangrijk is. 
Stilstaan bij God en langzamer leven betekent niet dat we achter gaan lopen. Het betekent juist dat we vol gaan lopen. Juist de haastige drukte zorgt ervoor dat we de kostbare tijd leeg weggooien. Tijd die met aandacht en liefde gevuld had kunnen worden. Vertrouw dat God ons de ruimte en rust biedt om werkelijk vol te leven. Ontspan en koester je in Zijn liefde. Niet sommige dagen maar al de dagen. Dat is geen tijdsverspilling. Leef niet te gehaast en leef een dag tegelijk. Zoek het geluk niet in de toekomst of in de omstandigheden maar bij God, die jou wil vullen met Zijn vrede, liefde, kracht en wijsheid. Hij vult je met Zijn Geest. 

Heer, leer ons onze dagen tellen... Om onze uren en minuten met aandacht en liefde te vullen, om werkelijk te Leven door Uw kracht. U vult ze met Uzelf. 

maandag 19 april 2021

De tuin van God

Wie een oor heeft, die hore, wat de Geest tot de gemeenten zegt. Wie overwint, hem zal Ik geven te eten van de boom des levens, die in het paradijs Gods is (Openbaring 2:7 NBG51)
Als de winter steeds meer terrein lijkt te verliezen en de dagen langer en warmer worden krijgen we steeds meer zin om naar buiten te gaan. De natuur wordt langzaam wakker en lokt ons met jong groen en kleurige bloemen. Steeds meer krijg ik zin om in de tuin te gaan werken maar de nachtvorst behoedt mij om al te voortvarend bezig te gaan. Pas half mei kan ik beginnen met zaaien en planten. Alhoewel, er zijn planten die wel tegen wat nachtvorst kunnen. knoflook, spits- en bloemkolen, rabarber staan al tussen de tulpen in de tuin te pronken. De andere  planten staan nog binnen te wachten op betere tijden. 
Een tuin, het is eigenlijk niets meer dan een stukje natuur waaraan zorg wordt besteed. Het wordt beschermd het door een hek of muur, netten en gaas en je plant er naar eigen smaak bomen en planten in die je de juiste aandacht geeft. Sommige planten hebben veel zon en warmte nodig, andere planten houden meer van schaduw. Je geeft de planten voldoende water en voeding. En er ontstaat een klein paradijsje. 

Wist je dat het woord paradijs stamt uit het oud-Perzisch? Het betekent een ommuring of omheinde tuin. Een gedeelte dat afgezonderd is en beschermd wordt. 

Adam en Eva leefden binnen deze ommuurde bescherming van God. Maar zij kozen ervoor om uit de beschermende zorg van God te stappen, door zelf te willen bepalen wat goed en slecht was. Het was aanlokkelijk om zelf rechter en heer te worden over hun leven. Zo zonder God werd hun leven verwoest. De zonde kwam binnen en vertraptte al het goede. De ommuring was verdwenen en het kwade kreeg alle kans. 

Het lijkt een beetje op het lied van de wijngaard uit Jesaja 5. Die mooi aangelegde en verzorgde wijngaard wordt vertrapt doordat de muur wordt weggehaald. Tevergeefs had de tuinman op vruchten gewacht. 
De mens wil graag zelf de leiding over zijn leven houden en zonder God lopen ze in zeven sloten tegelijk. Wat is een mens nou eigenlijk, dat hij kan weten wat goed en slecht is? In eigen kracht blijft hij steeds tekortschieten. We hebben die liefdevolle bescherming en zorg zo nodig om werkelijk vruchtbaar te kunnen zijn. 
We raken uitgeput als we leven zonder God. In eigen kracht zijn we zo lek als een mandje. Maar wie God verwachten die putten nieuwe kracht uit de bron van het leven. We mogen kiezen om voor God te leven. In Gods tuin en op Zijn tijd mogen we vruchtdragen. Leven binnen Zijn beschermende muur en onze eigen muren afbreken, dat maakt het leven tot een paradijs. 

"En Ik zal haar wezen, spreekt de HEERE, een vurige muur rondom; en Ik zal tot heerlijkheid wezen in het midden van haar." (ZACHARIA 2:5 SV-RJ) 




maandag 22 maart 2021

Niet vechten, niet vluchten.

In alles zijn wij in de druk, doch niet in het nauw; om raad verlegen, doch niet radeloos; vervolgd, doch niet verlaten; ter aarde geworpen, doch niet verloren; te allen tijde het sterven van Jezus in het lichaam omdragende, opdat ook het leven van Jezus zich in ons lichaam openbare.
2 Korinthiërs 4:4‭, ‬8‭-‬10 NBG51

Elke dag leven we in doodsgevaar. We weten nooit of we de morgen nog halen. Van het ene op het andere moment kan ons leven er totaal anders uitzien. Als we hierover nadenken dan kan de angst je om het hart slaan. Soms zelfs letterlijk. 

We zijn allemaal in meer of mindere mate bang voor de dood. Het is niet leuk om over de dood na te denken. Maar er is een verschil tussen angst voor de dood en doodsangst. 

Een angstaanval, het overkwam me toen ik 19 jaar was. Ineens van het ene op het andere moment werd ik helemaal niet goed. Uit het niets begon mijn hart op hol te slaan en werd ik duizelig en verschrikkelijk bang. Later in het ziekenhuis bleek er lichamelijk niets aan de hand te zijn, maar de angst was geboren. Bang om dit nog een keer te moeten meemaken zorgde voor zo'n zelfde aanval en die was nog veel heftiger. Ik kon de aanval niet stoppen. Ik durfde niet meer naar school, niet meer met de bus en uiteindelijk durfde ik de straat niet meer op. Zelfs thuis kreeg ik last van  hyperventilatie. 

De uiteindelijke diagnose was agorafobie. Overal waar ik het gevoel had dat ik niet ongezien weg kon vluchten lokte een aanval uit. Het heeft een jaar geduurd voordat ik met kleine stapjes mijn angsten overwon. Niet vechten, niet vluchten werd mijn devies. De aanval laten komen en laten gaan. Gewoon doorgaan. Dit was in het begin bijna niet te doen en ik vluchtte vaak weer naar huis, maar op een gegeven moment voelde ik de aanval aankomen en kon ik die op tijd laten stoppen. 

Achteraf gezien zou ik deze periode niet hebben willen missen. Het heeft me sterker gemaakt en heb ik een onzichtbare nabijheid van liefde ervaren. Ondanks dat ik niet in God geloofde heb ik tijdens de aanvallen wel Zijn zorg en liefde ervaren. Een klasgenoot was zo dapper om mij op God te wijzen maar op dat moment geloofde ik nog niet in een persoonlijke God. Zij vertelde over Jezus. Ik hoorde maar flarden van het verhaal want ik wilde naar huis. Jezus ervoer werkelijke doodsangsten maar verzette zich niet en vluchtte er niet voor weg. 

Nu herhaalt de geschiedenis zich. Niet ikzelf maar mijn zoon zit er middenin. Gelukkig kan ik hem een paar tips geven. Het vervelende is dat aandacht ook een aanval uit kan lokken of verergeren. Toch moet hij leren eerlijk te zijn en het wel vertellen als hij zich niet goed voelt worden. Er doorheen gaan en merken dat er niets gebeurd. We zijn nu twee maand verder en het gaat de goede kant op. Hij kan weer gewoon naar zijn werk en naar school. Leren vertrouwen, niet alleen op jezelf maar vooral op God die jou niet loslaat en een doel heeft met je leven. Hij vormt ons door de moeiten heen en met Hem zijn we meer dan overwinnaars. Leg je leven in Zijn hand en vertrouw maar gewoon. 



zondag 14 maart 2021

Naamgever

Barmhartig en genadig is de Here , lankmoedig en rijk aan goedertierenheid en trouw;  niet altoos blijft Hij twisten, niet eeuwig zal Hij toornen;  Hij doet ons niet naar onze zonden en vergeldt ons niet naar onze ongerechtigheden;  maar zo hoog de hemel is boven de aarde, zo machtig is zijn goedertierenheid over wie Hem vrezen.  Zover het oosten is van het westen, zover doet Hij onze overtredingen van ons;  gelijk zich een vader ontfermt over zijn kinderen, ontfermt Zich de Here over wie Hem vrezen. (Psalmen 103 en 86 NBG51)

Toen onze zonen werden geboren hebben we ze Bijbelse  namen gegeven. We hebben met de traditie van het vernoemen gebroken. Jonathan (Geschenk van God) omdat hij op een wonderlijke manier aan ons geschonken is en Daniël (God is mijn gerechtigheid) omdat we het met onze eigen gerechtigheid niet redden. Namen die iets zeggen over onze dankbaarheid en over wie God is en wil zijn. Namen die de kinderen mogen wijzen op op die ene Naam boven alle Namen. 
God wil zich laten kennen. Bij de brandende braamstruik heeft God zich bekend gemaakt aan Mozes als Ik Ben. Een naam die alles omvat en niet te vatten is. Als Mozes de wet ontvangt komt God naar Mozes toe. God roept Zijn Naam nog eens twee keer uit en openbaart daarbij nog meer van Zichzelf. 

"De Here ging aan hem voorbij en riep:
Ik Ben (Heere) ,Ik Ben (Heere), God, barmhartig en genadig, lankmoedig, groot van goedertierenheid en trouw, die zijn goedheid aan duizenden betoont, die ongerechtigheid, overtredingen en zonden vergeeft. Maar de schuldige zal zeker niet als onschuldig beschouwen. Van de zonden van de vaders worden de zonen en kleinzonen en nóg latere geslachten de dupe.’"

Deze naam, barmhartig en genadig, lankmoedig, groot van goedertierenheid en trouw wordt vaak in de Bijbel herhaald. Vooral in de Psalmen wordt deze Naam bezongen. (Psalm 86, 103, 111 en 145)

Jona kende Zijn Naam (Jona 4:2) en vluchtte weg naar Tarsis. 
Joël wijst op Zijn Naam zodat de Israëlieten daar hun toevlucht zouden zoeken. (Joël 2:13)

Het volk Israël kende God tot dan toe als de God van Abraham, Izaak en Jacob. God, de Almachtige, die een verbond sloot en het volk Israël apart zette. Een God van horen zeggen. 

Maar hier laat God Zijn Vaderhart zien. Zijn verlangen is om Zijn mensenkind te herstellen. Deze Naam is een uitnodiging om je over te geven aan Zijn liefdevolle genade. God is Heilig en Almachtig, maar ook bewogen en bereikbaar. God heeft de weg gebaand om tot Hem te kunnen komen door Zijn Zoon Jezus Christus. De Naam boven alle Namen (Filippenzen 2:9)

Mogen onze namen die Ene Naam verheerlijken. God, die Zijn eigen Naam aan Zijn Zoon geschonken heeft. Wij mogen ons daarin laten onderdompelen. Wij over wie Gods Naam is uitgeroepen.


"En de heerlijkheid, die Gij Mij gegeven hebt, heb Ik hun gegeven, opdat zij één zijn, gelijk Wij één zijn: Ik in hen en Gij in Mij, dat zij volmaakt zijn tot één, opdat de wereld erkenne, dat Gij Mij gezonden hebt, en dat Gij hen liefgehad hebt, gelijk Gij Mij liefgehad hebt.  Vader, hetgeen Gij Mij gegeven hebt – Ik wil, dat, waar Ik ben, ook zij bij Mij zijn, om mijn heerlijkheid te aanschouwen, die Gij Mij gegeven hebt, want Gij hebt Mij liefgehad vóór de grondlegging der wereld. Rechtvaardige Vader, de wereld kent U niet, maar Ik ken U, en dezen weten, dat Gij Mij gezonden hebt; en Ik heb hun uw naam bekend gemaakt en Ik zal hem bekend maken, opdat de liefde, waarmede Gij Mij liefgehad hebt, in hen zij en Ik in hen.
(Johannes 17:22‭-‬26 NBG51) 

vrijdag 19 februari 2021

Bouwmateriaal


Want een ander fundament, dan dat er ligt, namelijk Jezus Christus, kan niemand leggen. Is er iemand, die op dit fundament bouwt met goud, zilver, kostbaar gesteente, hout, hooi, of stro, ieders werk zal aan het licht komen. Want de dag zal het doen blijken, omdat hij met vuur verschijnt, en hoedanig ieders werk is, dat zal het vuur uitmaken. Indien het werk, dat hij erop gebouwd heeft, standhoudt, zal hij loon ontvangen, maar indien iemands werk verbrandt, zal hij schade lijden, doch hij zelf zal gered worden, maar als door vuur heen. (1 Korinthiërs 3:11‭-‬15) 

Veel blogs die ik schrijf gaan over Gods genade. Over de genade dat we Gods liefde en aanvaarding niet kunnen verdienen met goede werken. De Vader hield van al van ons toen wij nog zondaars waren. 
Onze goede of slechte werken kunnen Gods karakter van trouw en liefdevolle genade niet veranderen. Ook hebben onze werken geen invloed op het geluk of ongeluk dat ons toevalt. God schenkt Zijn genade aan elk mens, die het in geloof wil aanvaarden. Hij laat zijn zon opgaan over bozen en goeden en laat het regenen over rechtvaardigen en onrechtvaardigen. (Matteüs 5:4-5) 

Als het allemaal genade is hoe zit het dan met onze goede of slechte werken. Hebben die dan geen invloed? 

Er staat toch: Dwaalt niet, God laat niet met Zich spotten. Want wat een mens zaait, zal hij ook oogsten. (Galaten 6:7) 

Onze werken hebben zeker invloed, maar komen niet voort om iets te verdienen. Ze komen voort uit datgene wat Jezus voor ons verdient heeft. We mogen wandelen in het licht van Jezus en zo de wereld verlichten met goede werken die God van te voren bereid heeft. Als kinderen mogen we wandelen aan de hand van de Vader. Leven in overgave en afhankelijkheid. 
We mogen verder bouwen op het fundament dat Jezus heeft gelegd. We zijn gezegend, gered, gereinigd, geheiligd en gerechtvaardigd. 

We werken dan niet om Gods goedkeuring of acceptatie te winnen maar gaan dan leven vanuit de overwinning die Christus heeft behaald. Hij geeft ons de wapenrusting om stand te houden in deze wereld. Hij schenkt ons Zijn rechtvaardigheid, vrede, bereidvaardigheid en geloof. Met welke materialen bouwen wij? Zijn het de vruchten en gaven van de Geest, materialen die eeuwigheidswaarde hebben (goud, zilver en kostbaar gesteente) of bouwen we met tijdelijke en zinloze materialen (hout, hooi en stro)? Het is maar net op welke akker we zaaien. Op de akker van de Geest of de akker van ons vlees. (Galaten 6:8) en zo mogen we schatten in de hemel verzamelen. Door Gods liefde en genade te laten regeren. De liefde die nooit vergaat. Dat is de grootste schat. 

Jezus, niet mijn eigen kracht,
niet het werk door mij volbracht,
niet het offer dat ik breng,
niet de tranen die ik pleng,
schoon ik om mijn zonden ween,
kunnen redden, Gij alleen.

Zie, ik breng voor mijn behoud
U geen wierook, mirr’ of goud;
moede kom ik, arm en naakt,
tot de God, die zalig maakt,
die de arme kleedt en voedt,
die de zondaar leven doet!
(Vaste Rots JdH 283)

dinsdag 2 februari 2021

Karma

Kijk, zo leven nu de ongelovigen. Zonder zorgen worden zij alleen maar rijker en rijker.  Voor niets heb ik zuiver geleefd, mij ver gehouden van onrecht.(Psalmen 73:12‭-‬13 HTB) 
Laatst hoorde ik mijn zoon op de achtergrond lachen. Hij zat op internet samen met wat vrienden te kijken naar wat filmpjes op YouTube. Ineens riep hij uit dat het karma was. Iemand die een stomme daad had uitgehaald kreeg gelijk zijn verdiende loon, instant-karma. Wat je zaait zul je oogsten... Maar werkt dat zo? Bestaat dat karma, een kosmisch spel van oorzaak en gevolg? "God straft meteen", zeiden mijn ouders wel eens voor de grap als iets stouts misluktte. 

In deze wereld is de realiteit vaak net andersom. Goede mensen krijgen het soms zwaar te verduren en slechte mensen lijkt het leven toe te lachen. Ook in de Bijbel wordt er vaak over geklaagd. Hoe kan dat toch dat goede mensen slechte dingen overkomen. Dat hebben ze toch niet verdiend? Mensen proberen het lijden weg te verklaren. Diegene die het treft zal het toch op een of andere manier aan zichzelf te danken hebben. Denk aan de vraag van de discipelen wat er mis was met de mensen die omkwamen toen de toren in Siloam instortte. (Luk.13: 4)

Als je de Bijbel goed leest zie je dat juist de goede en rechtvaardige mensen het zwaar te verduren krijgen. Hun leven gaat helemaal niet over rozen. Het leven is niet eerlijk en geeft geen redelijke verklaringen waarom de ene het geluk toevalt en de ander het ongeluk treft. Waarom-vragen zijn wat dat betreft altijd zinloos. De wereld is onderhevig aan tijd en toeval. Waarom zou je je dan nog afmatten om het goede te doen?
En toch.. dit is niet het einde van het verhaal. Als je verder leest in psalm 73 waarmee ik deze blog begon, dan zie je dat het wel degelijk zin heeft om met het goede, met God, rekening te houden. Wij worden door God bij onze rechterhand gevat en geleid door Zijn raad. Hij is er dan bij. Zelfs in het dal van diepe duisternis. 
We mogen zijn als een boom geplant aan waterstromen waarvan het loof niet verwelkt en die vrucht geeft op Zijn tijd. Die de hitte niet opmerkt omdat het zijn wortels uitslaat naar de bron. (Jer. 17:8, Ps. 1) We ontvangen telkens weer nieuwe kracht.

In deze wereld ontvangen we vaak niet wat we verdienen. Maar uiteindelijk zullen we voor God rekenschap moeten afleggen van onze daden. Maar ook dan is er geen sprake van karma. Niemand is zonder zonde en onze goede daden kunnen daar niets aan veranderen. Het is Gods liefdevolle barmhartigheid die ons redt. Het draait ook niet om verdienen maar om Gods onverdiende genade. Oorzaak en gevolg? Jezus alleen is de oorzaak van eeuwig heil. (Hebr. 5:9) 

dinsdag 26 januari 2021

Bidt zonder ophouden...

Verblijdt u te allen tijde, bidt zonder ophouden, dankt onder alles, want dat is de wil Gods in Christus Jezus ten opzichte van u. (1 Tessalonicenzen 5:16‭-‬18 NBG51)
De vorige blog schreef ik over het eerste gedeelte van deze tekst uit 1 Tessalonicenzen. Dat altijd blij zijn voor ons onmogelijk is, maar dat we in elke situatie toch Gods vreugde mogen ontvangen. Een vreugde die onze pijn en verdriet niet ontkent maar in een groter perspectief plaatst. We mogen Gods liefdevolle zorg en nabijheid ontdekken. Het besef dat God ons kent en met ons bewogen is. Hij geeft een vrede en vreugde die alle verstand te boven gaat. 

En nu de volgende schijnbaar onmogelijke opdracht, bidden zonder ophouden. Maar hoe doe je dat? God overal bij betrekken en je constant bewust blijven van Zijn aanwezigheid. Dit lukt mij niet. Terwijl Ik hierover aan het nadenken was dacht ik aan een tekst uit Romeinen 8 waar staat:  

"En evenzo komt de Geest onze zwakheid te hulp; want wij weten niet wat wij bidden zullen naar behoren, maar de Geest zelf pleit voor ons met onuitsprekelijke verzuchtingen. En Hij, die de harten doorzoekt, weet de bedoeling des Geestes, dat Hij namelijk naar de wil van God voor heiligen pleit. (Romeinen 8:26‭-‬27 NBG51) 

Eigenlijk vraagt God van ons in constante verbinding met Hem te staan. Een moeilijke opdracht tot je beseft dat het God's Geest is die ons in die constante verbinding met God brengt. Gods Geest bidt in ons en geeft ons het verlangen om Hem te zoeken. Hij spoort ons aan om ons te koesteren in Zijn Liefde. Zoals een bloem zich keert naar het licht geeft Gods Geest in ons het verlangen om Gods aangezicht te zoeken. 

Soms wordt gebed vergeleken met ademhalen. Onophoudelijk en noodzakelijk. We ademen Gods troost, liefde, kracht en wijsheid in en  wij ademen onze aanbidding, dank, schuldbelijden en voorbede weer uit. Een voortdurende wisselwerking van Gods werk in ons leven. We leren steeds meer op Hem te vertrouwen. We zullen steeds meer verlangen om in Zijn dichte nabijheid te leven. Gods liefdewerk gaat ons verstand te boven.

Ik bid dat Christus meer en meer in u mag wonen, naarmate u Hem meer gaat vertrouwen. Dat u geworteld zult zijn in Gods liefde en daarop uw leven zult bouwen. Dan zult u, samen met alle gelovigen, zien hoe breed, lang, hoog en diep de liefde van Christus is. U zult ervaren en begrijpen dat die liefde van Christus ons menselijk verstand te boven gaat. Uw hele wezen zal dan vol van God zijn.  God kan oneindig veel meer doen dan wij ooit kunnen bidden of beseffen. Dat blijkt uit de kracht die in ons werkt. Hem komt voor altijd en eeuwig alle eer toe in de gemeente door Jezus Christus. Amen!
Efeziërs 3:21 HTB



Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...