zaterdag 24 januari 2026

Lees de Bijbel met mij...24 Waar strijd je voor?

Lees Genesis 30, 31, 32 en 33


Rachel wordt jaloers op haar zus Lea. Zij heeft nu al 4 zonen. Rachel geeft haar slavin Bilha aan Jakob zodat ook zij kinderen zal hebben en krijgt 2 zonen. Ook Lea geeft haar slavin Zilpa en krijgt 2 zonen. Lea zelf krijgt daarna zelf nog 2 zonen en een dochter. De strijd om liefde en waardering ontbrandt. Uiteindelijk wordt Rachel zelf zwanger en Jozef wordt geboren. Het elfde kind van Jakob. Jakob wil werken voor zijn eigen huis en teruggaan naar zijn eigen land en woonplaats. 

Daarop zei hij: Wat moet ik je geven? Toen zei Jakob: U hoeft mij helemaal niets te geven; als u het volgende voor mij wilt doen, zal ik opnieuw uw kleinvee hoeden en beschermen. Ik zal vandaag al uw kleinvee langsgaan en daaruit elk gespikkeld of gevlekt dier afzonderen, elk zwart dier onder de schapen en alles wat gevlekt en gespikkeld is onder de geiten; en dat zal mijn loon zijn.

Laban heeft gezien dat de Here hem gezegend heeft vanwege Jakob. Hij staat toe dat Jakob zijn eigen kudde vormt uit de zwarte schapen en gespikkelde geiten. Die zijn toch een minderheid in de kudde van Laban. Maar Jakob verzint een list en laat de gespikkelde sterke dieren bronstig worden zodat deze zeer toenemen en zijn kudde en rijkdom steeds groter wordt.

 'Zo breidde het bezit van deze man zich zeer sterk uit; hij had veel kleinvee, slavinnen, slaven, kamelen en ezels.' (30.43)

Het wordt gevaarlijk om nog langer bij Laban te wonen. De zonen van Laban worden jaloers,. Zij zien hun erfenis opdrogen en ook Laban zelf is niet meer zo blij met Jakob. "Ook lette Jakob op het gezicht van Laban, en zie, het stond ten opzichte van hem niet meer als voorheen." Ook God zelf waarschuwt Jakob dat hij terug moet gaan naar het land waar hij vandaan kwam. 

"Ik ben de God van Bethel, waar u een gedenkteken gezalfd hebt, waar u Mij een gelofte gedaan hebt. Welnu, sta op, vertrek uit dit land en keer terug naar het land van uw familiekring."

Twintig jaar heeft Jakob als een slaaf gewerkt voor Laban. Hij vlucht met zijn vrouwen, kinderen en bezit, uit angst dat Laban zijn vrouwen en bezit van hem afneemt. Hij vertrekt naar huis, naar zijn vader Izak in Kanaän. Laban gaat hem woedend achterna. Maar God waarschuwt Laban. Hij moet Jakob laten gaan. De God die alles ziet zal zelf de wacht houden tussen Jakob en Laban.

"Laat de HEERE de wacht houden tussen mij en jou, als wij voor elkaar verborgen zijn.... Laten de God van Abraham en de god van Nahor, de god van hun vader, tussen ons oordelen. En Jakob legde een eed af bij de Gevreesde van zijn vader Izak." (31:49,53)

Bijzonder dat Jakob engelen ontmoet als hij weer op pad gaat (32:1) Ondanks alle bemoedigingen en zegen die Jakob van God mocht ervaren is Jakob bang voor zijn broer Ezau. Zal hij nog steeds wraak willen. Hij stuurt boden naar Ezau dat hij weer terugkeert maar de boden vertellen dat Ezau hem tegemoet komt met 400 man! Hij stuurt geschenken vooruit om zijn broer gunstig te stemmen. Jakob laat alles de beek oversteken maar blijft zelf achter en bidt en strijdt met God. De God die meer te vrezen is dan Ezau. Hij ontwricht Jakobs heupgewricht, Jakobs eigen kracht is door de strijd gebroken maar hij houdt zich vast aan God. Niet langer Jakob=bedrieger maar Israël=God strijdt is nu zijn naam... Hij had niet bang hoeven zijn...Hij mag vertrouwen op God zelf, die voor ons strijdt. 

Maar al te vaak strijden we voor het geluk van ons eigen kleine leventje totdat we het grotere plan van God ontdekken. Hij heeft een doel met ons leven en het is Zijn strijd. Hij komt tot Zijn doel. Hij vervult misschien niet al onze wensen maar wel al Zijn beloften. En hij gebruikt zelfs onze fouten en doet alle dingen meewerken ten goede...

"De God van Israël is God."




Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...